De 5 voornaamste bezienswaardigheden van Ronda
Ronda is een van de oudste steden van Spanje. De stad ligt zo’n 50 kilometer landinwaarts tussen de Sierra de las Nieves en de Sierra de Grazalma in centraal-Andalusië, op een hoogte van ongeveer 750 meter boven zeeniveau. Deze hoogte zorgt ervoor dat je rondom een prachtig uitzicht hebt op het wijde landschap. Voor wie deze combinatie van natuur, cultuur en rust aanspreekt, sluit dit mooi aan bij wat we beschrijven in “Voor wie is Finca La Toronja ideaal (en voor wie niet)”. De schrijvers Ernest Hemmingway en Orson Welles hebben jarenlang in Ronda gewoond en beschreven de schoonheid van dit gebied. Daarnaast staat Ronda bekend om haar Puente Nuevo, El Tajo de Ronda en het stierenvechten.
Tajo de Ronda, de kloof van Ronda
De stad Ronda wordt letterlijk in tweeën gespleten door de rivier Guadalevín. Deze rivier heeft in de loop der eeuwen een ruim 100 meter diepe kloof gesleten tussen de stadsdelen Mercadillo (markt) en La Ciudad (de oude stad). De kloof, El Tajo in de volksmond, is zo’n 50 meter breed en 500 meter lang. Zowel vanaf de bruggen als vanuit de kloof heb je een prachtig zicht op dit bijzondere stuk natuur.
Puente Nuevo
El Tajo wordt door 3 bruggen overspannen. De oudste is Puente San Miguel. Deze brug is gebouwd op de fundamenten van een oude Romeinse brug en staat daarom ook wel bekend als Puente Romano. Deze lagere brug ligt net buiten de stadswallen van Ronda, nabij de Puente Viejo (de oude brug). Deze brug werd in de 16e eeuw gebouwd, omdat er een betere verbinding tussen de beide stadsdelen moest komen.
De belangrijkste en meest imposante brug van Ronda is echter de Puente Nuevo. De bouw duurde van 1751 tot 1793. Met zijn 3 bogen is de brug 70 meter breed en heeft een hoogte van 98 meter. De brug is ontworpen door de architect José Martín de Aldehuela. Volgens de legende maakte hij een einde aan zijn leven om te voorkomen dat hij ooit nog iets zou bouwen dat zijn Puente Nuevo zou overtreffen. In werkelijkheid stierf hij in 1802, op 72-jarige leeftijd, een natuurlijke dood in Málaga. Deze brug biedt het mooiste en meest indrukwekkende uitzicht. Het is dan ook een van de meest gefotografeerde locaties in Spanje. Als je naar de bodem van de kloof afdaalt vanuit het Casa del Rey Moro, kom je op een plek waar je prachtige foto’s kunt maken van de brug.
De wieg van het moderne stierenvechten
Ronda wordt ook wel de wieg van het moderne stierenvechten genoemd. Een van de beroemdste toreadors van de 18e eeuw, Pedro Romero, werd geboren in Ronda. Hij opende in 1785 het Plaza de Toros, de oudste nog bestaande stierenvechtersarena van Spanje.Deze arena, eveneens gebouwd door José Martín de Aldehuela, is de thuisbasis van een van de beroemdste Spaanse leerscholen voor het stierenvechten. Tegenwoordig worden er nog maar 4 stierengevechten per jaar gehouden (in september). De rest van het jaar doet het gebouw dienst als museum.
Museo Taurino, stierenvechtenmuseum
Het Museo Taurino werd in 1984 geopend. Je vindt hier alles terug over de geschiedenis van het Plaza de Toros, aan de hand van gravures, litho’s, tekeningen en tal van andere relikwieën. De permanente tentoonstelling richt zich op twee grote stierenvechtersdynastieën en bevat ook originele kostuums. Het gebouw zelf is een museum op zich en is geclassificeerd als cultureel erfgoed. Het was de eerste arena die volledig van steen werd gebouwd. De neoklassieke bouwstijl is uniek en kenmerkt zich door twee galerijen met elk vijf rijen tribunes, ondersteund door 136 zuilen en 68 bogen. De arena biedt plaats aan ongeveer 5.000 mensen.
Het oude historische centrum van Ronda
La Ciudad (het oude centrum) wordt gedomineerd door de Plaza Duquesa de Parcent, waar de kathedraal Santa María la Mayor (16de eeuw) staat. Deze was vroeger een moskee en heeft nog steeds vier Moorse koepels. De klokkentoren staat op de fundamenten van de vroegere minaret. Rondlopen door Ronda is zeker geen straf. Er zijn veel bezienswaardigheden, zoals Moorse stadsmuren en poorten, de kerk Iglesia de Nuestro Padre Jesús, de Moorse baden (Baños Arabes), het Palacio del Marques de Salvatierra en het Palacio de Mondragón met het Museo Municipal. Daarnaast is er het Balcón del Coño, vanwaar je een spectaculair uitzicht hebt. Het is niet alleen kunst en cultuur wat de klok slaat. In Ronda kun je ook genieten van eten en drinken in de vele bodega’s en restaurantjes.
Eén dag is te weinig
Eigenlijk is één dag te weinig als je Ronda wilt verkennen. Er is zoveel te doen en te beleven dat je er beter meerdere dagen voor uittrekt. Ronda is vanuit Coín, waar Finca La Toronja gelegen is, gemakkelijk bereikbaar via de A-366. Via deze weg rijd je in ongeveer een uur door de Sierra de las Nieves, langs de witte dorpen Alozaina, Yunquera en El Burgo. De reis alleen al is spectaculair door de vele vergezichten en prachtige natuur.
Veel gasten combineren een bezoek aan Ronda met “onze favoriete rustige uitstappen vanuit de finca”, waar eenvoud en ritme centraal staan.